Belastingvoordeel voor mantelzorgers

Vanaf 1 januari 2021 kunnen sommige mantelzorgers genieten van een verhoogde belastingvrije som. Het gaat over een uitbreiding van de bestaande regeling.

Wat is de belastingvrije som?

De belastingvrije som is het stuk van het inkomen dat sowieso van elke belastingheffing is vrijgesteld. Elke belastingplichtige in België heeft hier recht op. In het inkomstenjaar 2020 bedraagt de belastingvrije som 8.990 euro.

Bepaalde mensen hebben recht op een verhoogde belastingvrije som. Bijvoorbeeld mensen die kinderen ten laste hebben. Maar ook sommige mantelzorgers. De regering verhoogde de som van 3.270 euro vanaf 1 januari 2020 voor mantelzorgers naar 4.900 euro. Hierdoor ontsnapt een groter deel van je inkomsten aan de belastingen.

Voor welke mantelzorgers geldt de verhoogde belastingvrije som?

Deze regeling geldt niet voor alle mantelzorgers. Wie komt wel in aanmerking:

  • Mantelzorgers die zorgen voor en samenwonen met een (groot)ouder, broer of zus ouder dan 65 jaar.
  • De zorgbehoevende oudere moet minimum 9 punten hebben op de graad van zelfredzaamheid. Contacteer de Dienst Maatschappelijk Werk van je ziekenfonds voor meer info over de berekening van je zelfredzaamheidsgraad.

Opgelet! Deze regeling geldt niet voor mensen die samenwonen in een geregistreerde zorgwoning. Bij een zorgwoning worden jullie beschouwd als aparte huishoudens, waardoor uitkeringen en je belastingen apart berekend worden.

Meer weten?

Mantelzorggedicht: Van oud naar nieuw

Een nieuw gedicht van onze huisdichter en mantelzorger, met mooie eindejaarswensen.

Van oud naar nieuw we halen het wel
Al is ’t in ons geval geen kinderspel
Ons rugzakje is soms nogal zwaar
Doch, jawel we spelen dat wel weer klaar

En wie onder onze vleugels zitten
Mogen van ons dààr blijven klitten
Samen die winterevening over
Met feestdagen en wensen te over

Onze liefde wordt immers nooit moe
Al slaat het jaar dan zijn deurkens toe
Met een brandnieuw exemplaar voor de deur
Breken we samen elke saaiheid en sleur

Zelfs als we mekaar niet kennen
Ben ik er aan gaan wennen
We staan in onze zorg niet alleen
We hebben onze zorg zelfs gemeen!

Dus ook jij hebt van mij en knuffel verdiend
Jawel jij! Mijn onbekende vriend.

knuflolino

Over de mantelzorger die het gedicht schreef

Ze omschrijft zichzelf als iemand met een groot hart, soms te groot. Dat is medisch vastgesteld, vertrouwt ze ons toe. Altijd raakt ze je met haar liefde voor mantelzorgers. Ze schuwt daarbij de ruwe kanten van mantelzorg niet. Tegelijkertijd ontmoet je in haar gedichten een warme en lichte taal vol van poëzie en humor.

Lees haar andere gedichten:


Als Steunpunt Mantelzorg willen wij een platform bieden aan mantelzorgers om hun stem te laten horen. De standpunten en schrijfsels van gastbloggers vertegenwoordigen hun opinie en ervaring.

Programma webinar “Mantelzorg in tijden van COVID-19”

Opgelet: door het overweldigend succes kan je deze webinar niet meer live volgen. Toch benieuwd? Registreer je alsnog via deze link. In de week van 30 november bezorgen we je de opgenomen versie en het volledige onderzoeksrapport van HOGENT.

Ontdek hier het programma van ons webinar “Mantelzorg in tijden van COVID-19: bouwstenen voor ondersteuning.”

De webinar in het kort

  • Wanneer? Op 27 november 2020, om 10u-12u30 (inloggen kan vanaf 9u45)
  • Voor wie? Ben jij mantelzorger of ben je bezig met het thema mantelzorg? Wil je meer weten over de beleving van mantelzorgers in tijden van covid-19? Vraag je je af hoe jouw organisatie of lokaal bestuur mantelzorgers kan ondersteunen? Heb je interesse in inspirerende voorbeelden uit de praktijk?
  • Schrijf je gratis in (inschrijving is verplicht) via deze link en ontvang de dag voor de webinar een uitnodigingslink. Problemen met inschrijving? Contacteer ons via info@steunpuntmantelzorg.be of 02 515 04 42. Achteraf krijg je een mail met de link naar de webinar, naar het volledige onderzoeksrapport en een aanwezigheidsattest.

Het programma

  • 9u45: Onthaal
  • stipt 10u-10u05: Verwelkoming door Naomi De Bruyne, coördinator Steunpunt Mantelzorg
  • 10u05-10u55: Onderzoeksresultaten over beleving mantelzorgers tijdens COVID-19 door Dr. Benedicte De Koker, Dr. Deborah Lambotte, Dr. Nico De Witte van HOGENT met getuigenissen van mantelzorgers
  • 10u55-11u: Toespraak door Wouter Beke, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding.
  • 11u-11u25: Beleidsreflectie op Europees niveau door Francesca Centola, project officer bij Eurocarers. Dit stukje is Engelstalig. De Nederlandse samenvatting volgt op de website van Steunpunt Mantelzorg
  • 11u25-11u35: pauze
  • 11u35-12u:  Antwoord op ondersteuningsnoden van mantelzorgers: het aanbod van het Vlaams Mantelzorgplatform door Naomi De Bruyne, coördinator Steunpunt Mantelzorg en het aanbod van het Vlaams Expertisepunt Mantelzorg door Karel Hermans van VIVEL
  • 12u-12u20: Panel: inspirerende praktijkvoorbeelden, door Pablo Annys, schepen Brugge en voorzitter ELZ Brugge en Jakob Decavel, stafmedewerker Dienst Regie Ouderenzorg Stad Gent.
  • 12u-20-12u30: afsluiter door Caroline Verlinde, directeur Vivel

Meer weten?

Bekijk de uitnodiging

Foto: Roel Dierckens via Unsplash

Dagverhaal van mantelzorger en vrijwilliger Rudy in een zorgcentrum bij mensen met dementie

11 oktober 2020

Met pijn in het hart was ik verplicht mijn vrouwtje te laten opnemen in een zorgvoorziening voor mensen met dementie.  Ik heb haar lang thuis kunnen helpen maar plots was dat onmogelijk. Ons verhaal – maar ook een verhaal van veel anderen- was mijn eerste schrijfsel.

Na de eerste lockdown, die zeer pijnlijk en zelfs onmenselijk was door de verplichte scheiding van meer dan drie maand, kon ik geleidelijk aan weer dagelijks op bezoek. Omdat het voor mij fysiek en mentaal lukt, heb ik gevraagd om naast mantelzorger voor mijn vrouwtje ook vrijwilliger te zijn op de afdeling waar ze verblijft.

Toen ik weer regelmatig op bezoek kon gaan moest ik met spijt vaststellen dat deze lockdown sporen heeft nagelaten. Zowel bij bewoners, het personeel en vaste bezoekers. Voordien kon ik al vaststellen dat de druk op het personeel groot is. Het welzijn van de bewoners kan veel beter maar daarvoor moet men middelen hebben en krijgen. Dat is niet alleen een verhaal van willen, maar ook van kunnen en mogen.

Ik wou een maatschappelijke bijdrage leveren en tegelijk bijna dagelijks in de omgeving van mijn vrouwtje zijn. Dat is stof voor een ander verhaal maar nu is het verhaal een overzicht van een dagtaak op zondagnamiddag met enkele persoonlijke bedenkingen. De drukste dag van de zes dagen die ik er vrijwilliger ben in de namiddag. Ik ben de enige vrijwilliger voor de taakjes die ik hieronder beter omschrijf. Weinigen voelen zich geroepen om op een afdeling dementie vrijwilliger te zijn. Ik kan het mentaal aan en heb heel wat ervaring opgedaan met de zorg voor mijn vrouwtje. Ik ken de knelpunten en ik heb dat neergeschreven in een tweede schrijfsel (zoals ik het noem).

Nu ben ik officieel vrijwilliger op deze afdeling. Net zoals het personeel moet je als vrijwilliger op zo een afdeling veel empathie hebben en een sociale ingesteldheid. Je moet je kunnen inleven (en meeleven) in de wereld van de bewoners. In de benadering is kalmte en rust uitstralen belangrijk. Iedere bewoner is anders en heeft zijn eigen leefwereld. Toch ben ik er zeker van – en steeds meer – dat die bewoners veel meer gevoel – emotie hebben dan dat wij soms beseffen. Je moet kunnen zien – aanvoelen in welke wereld ze zich bevinden.

Ik heb respect voor de mensen die er werken en zich dagelijks moeten (kunnen) inzetten. Ze zijn een voorbeeld voor al wie de coronamaatregelen aan zijn laars lapt en niet kan scheiden van zijn comfortzone. Ze zijn ook het slachtoffer van deze egoïsten (zoals ik ze noem), die ervoor zorgen dat het virus weer een dreiging is geworden voor onze ganse samenleving het zo voor de anderen verknoeien. Je hebt steeds schrik dat het virus hier zou toeslaan en je iemand zou besmetten. Je hebt voortdurend een mondmasker aan en moet denken aan virusvrije handen (ontsmetten).

Ziehier het verhaal van een zondagnamiddag vrijwilliger en mantelzorger voor mijn vrouwtje.

Zondag “taartje dag”

Rond 13u20 kom ik in de keuken. Vooreerst hou ik me aan de strenge veiligheidsregels net als het ander personeel.

De taartjes staan altijd klaar en ik leg die op de bordjes. Je moet weten welke bewoners geen suiker mogen eten of slikproblemen hebben. Sommige bewoners zitten al te wachten. Die kennen me en ik geef ze al een kopje koffie als ze zin hebben. Eén van de bewoners mag geen koffie drinken en drinkt fruitsap. Hij lust dat maar je moet het fruitsap minder vloeibaar maken wegens slikproblemen. Als dat te lang blijft staan is het niet meer drinkbaar. Bij een ander bewoner die ik de wandelaar noem moet je zien dat er koffie in zijn tas is, want anders begint die aan alle tassen waar hij bij kan te likken. Uiteraard moet je die dan vervangen. Iedereen heeft zijn vaste plaats maar voor sommigen is dat niet evident.

Personeel;  op dit ogenblik is er slechts één personeelslid die eveneens ook de mensen gaat halen in hun kamer of zelfs de “ongelukjes” moet opkuisen. Er is nog een tweede “zwevend” personeelslid die helpt op deze afdeling maar ook in de andere vleugel waar 20 bewoners zijn. Hier zijn er dertig bewoners. Voor een vijftigtal bewoners zijn er op dit ogenblik drie zorgkundigen. In de tweede vleugel is één grote eetzaal voor twintig bewoners. Bij ons zijn er drie kleinere zaaltjes. Soms zijn er bewoners die liefst op hun kamer blijven. Je moet ook rekening houden dat veel bewoners hulp nodig hebben en sommigen volledig afhankelijk zijn van hulp. Handen te kort.

Ik schenk de koffie en verdeel de taartjes. Eerst in het grootste zaaltje aanpalend aan de keuken. Dan draag ik de taartjes-koffie bij twee bewoners die eten in een kleiner zaaltje en zich nog redelijk goed zelf kunnen behelpen. Ondertussen geeft de zorgkundige het taartje aan twee bewoners die volledig afhankelijk zijn van hulp.

De tweede zorgkundige gaat met de taartjes naar het derde zaaltje. Met uitzondering van één bewoonster hebben daar vier andere bewoners veel hulp nodig .

Ik schenk wat koffie bij en ruim de drie zaaltjes op. De vuile tasjes en bordjes laat ik achter in de omgeving van de vaatwasser.

Soms moet je bewoners wat aanmoedigen om te eten. Anderen help ik met de weg naar het toilet te tonen. Af en toe moet je eens tussenbeide komen bij twee – soms – drie mannelijke bewoners omdat ze ruzie maken en risico lopen om te vallen. Er is een bewoner die steeds een mes zoekt om zijn beveiligingsband door te snijden. Je moet steeds aandachtig zijn en met alles rekening houden.

Omstreeks 14u30 geef ik het taartje met koffie aan mijn vrouwtje. Ik geef dat op de kamer want ze leeft nog met onze muziek van de jaren zeventig. Ik geef ze regelmatig wat drinken omdat ze voldoende vocht zou hebben. Ze drinkt graag multifruitsap. Ze lust ook nog een snoepje of koekje. Ook appels en kiwi. Dagelijks geef ik haar een vitamine D tablet. Gelukkig voelt ze me nog goed aan en geniet van wat ze eet. Ik kan ze nog goed inschatten. Mijn vele aanwezigheid is voor haar een grote meerwaarde. Ook voor mij want ik ben nog bij haar.

Waterronde

Dagelijks, behalve de woensdag, doe ik de waterronde. Ik ben steeds bij of in de omgeving van mijn vrouwtje. Ik kan me ook nog nuttig maken voor anderen en dat geeft een goed gevoel. Dat duurt ongeveer een uur want ik neem ook wat tijd voor de bewoners.

Op iedere kamer staat een fles water en bekertje. Soms ook limonade. De ene bruis en de andere plat. Op de kamers waar nog vuile bordjes, tasjes of bekertjes staan, neem ik die mee. Af en toe zet ik een raam open om wat frisse lucht binnen te brengen. Tussendoor ga ik regelmatig bij mijn vrouwtje. Ik kan me zelf organiseren om die taak te doen.

Ik doe dit omdat ik zag dat de zorgkundigen dit tussendoor (zoals nog veel andere taken) moesten bijnemen. Zo hebben ze wat meer tijd over voor de andere bewoners en zichzelf, want de druk op die mensen is zeer groot. Je moet het allemaal nog kunnen volhouden.

Voor sommige bewoners ben ik het dagelijkse “bezoekje” dat ze nog hebben.  Je moet zoeken hoe je ze het best kan bereiken. Ieder persoon is anders en ze leven allemaal in een andere wereld die je moet leren kennen, begrijpen en in meespelen. Eens je ze hebt bereikt, zoeken sommigen je zelf op. Je moet je dan inleven in hun wereldje. Ook het beetje bezoekers spreken me soms aan, want velen kunnen niet of moeilijk omgaan met de ziekte van hun partner of vader/moeder.

De eenzaamheid bij veel bewoners valt op. De zorgkundigen en verpleegkundigen hebben geen tijd om die nood goed te kunnen invullen. Tijdens de week – niet weekend- heb je één ergotherapeut en één kinesist die ‘s middags ook helpen met het geven van het eten aan de bewoners. Eén voor dertig bewoners vind ik weinig en ze hebben ook nog andere taken.

Als een bijna dagelijks aanspreekpunt kennen ze me. Zelfs met mondmasker aan. Vooral de stem is voor hen belangrijk en begrip tonen. Ik ben een vorm van continuïteit, een vaste persoon die ze dagelijks zien. Iets dat niet mogelijk is bij de zorgkundigen – verpleegkundigen. Daar bestaat er een grote wissel en ik vraag me af hoeveel er nog voltijds werken. Ziekteverzuim is  hier ook niet vreemd.

Enkele bewoners kan ik overtuigen wat meer te drinken. Een Franssprekende man spreekt me regelmatig aan en volgt me soms op de ronde. Hij weet dat ik tweetalig ben en bij hem (ook anderen) zie ik nooit bezoek. Met uitzondering van één keer en zeer kort. Een andere vrouw vraagt me steeds waar haar man nu zit. Een man en een vrouw zoeken steeds de uitgang om hier weg te komen. En nog zo veel meer. Ik leer die mensen zeer goed kennen en dat boeit me.

Veel woonzorgcentra willen meer doen voor het welzijn van hun bewoners. Probleem is dat ze niet kunnen omdat alles zo strik is gereglementeerd, er een tekort is aan middelen, maar ook omdat men nog moeilijk geschikt personeel vindt.

Op maandag verdeel ik ook de gewassen kledij op de kamers van de bewoners.

Avondmaal

Omstreeks 17u00  is het avondmaal. Vanaf 15u30 is er een zorgkundige in de keuken om alles klaar te maken. Ik haal het avondmaal voor mijn vrouwtje en geef die haar op de kamer. Ook haar medicatie geef ik haar. Dat is toch één bewoner minder die de zorgkundigen moeten helpen.

Ik kan mijn tijd nemen om haar het eten te geven. Ze heeft veel tijd en veel hulp nodig. Ze geniet nog van dat moment. Jammer, maar niet alle bewoners hebben deze luxe omdat de zorgkundigen handen tekort hebben. Voor sommige bewoners zou meer tijd tijdens de maaltijden bijdragen aan hun welzijn.

Voor het avondmaal – net als andere maaltijden- zitten de bewoners verdeeld in drie zaaltjes. Een zaaltje waar de bewoners zich nog goed kunnen behelpen en twee zaaltjes waar veel bewoners hulp nodig hebben of zelfs volledig afhankelijk zijn van hulp. Weer handen te kort om al die mensen te helpen.

Tussen 17u45 en 18u15 ruim en kuis ik de tafels af van de twee kleinere zaaltjes. Ondertussen kunnen de zorgkundigen/verpleegkundigen de bewoners klaarmaken in hun kamers. Geloof me, dat is op zich al een heel werk en voor hen drie keer per dag een vorm van bandwerk. Ook hier zijn handen te kort om wat meer tijd te kunnen nemen voor de bewoners.

Daar waar de mensen (2) zich nog goed zelf kunnen behelpen heb ik weinig opkuiswerk. De vrouw die daar eet, voelt zich nog nuttig als ze zelf de tafel kan afruimen. Ik laat ze dat doen.Zonder dat ze het ziet, kom ik hier en daar wat tussen als het nodig is. In het tweede zaaltje heb ik soms wat meer werk want die mensen hebben veel moeite om zelfstandig nog iets te kunnen doen en morsen veel. Hier kan men zeker meer handen gebruiken. Ook meer tijd kunnen nemen voor die mensen is nodig.

Bedtijd

Rond 18u15 komt de verzorging Maria klaarmaken om naar bed te gaan. Vooraf nog een toiletbezoek. Omdat ze nog zeer weinig mobiel is, is het gebruik van een aangepast toestel nodig. Omdat veel bewoners veel hulp nodig hebben en niet alles voorspelbaar is, help ik soms met die taak. Dan zijn er geen twee zorgkundigen nodig.

Na het toiletbezoek en eens in bed poets ik nog haar tanden, wat niet altijd evident is om dat te doen. Voor de zorgkundigen is dat veelal ondoenbaar, maar met mij lukt het nog zo goed het kan met aangepaste tandpasta. Dan nog een neuszalf en balsem voor haar droge lippen. Ik kan de nodige tijd nemen om dat te doen. Af en toe wrijf ik haar droge huid (armen, benen en gelaat) in met een verzorgende huidcrème. Voor een bewoners is het belangrijk voor zijn welzijn als een partner – mantelzorger nog kan en wil helpen. Zorgkundigen zijn met te weinig en hebben daar geen tijd voor over.

Dan geef ik haar nog wat water, gordijnen dicht , wat stille achtergrond muziek, licht uit en ga ik naar huis. Meestal rond 19u00. Veelal is ze dan moe en slaapt vlug in.

Tot slot

Dit is mijn dagverhaal op een afdeling dementie.

Voor mij is het ondertussen zeer duidelijk dat je een onderscheid moet maken tussen bewoners in zorgcentra die gewone hulp nodig hebben en de bewoners met dementie. Dat is een zeer groot verschil in aanpak, maar ook van de competenties van het personeel. Ook het beleid moet daar dringend eens gaan herbezinnen.

Als ik bij mijn vrouwtje ben en met de taakjes die ik er doe, voel ik me gelukkig. Soms begrijp ik het ook niet, maar als ik mijn vrouwtje zie, zie ik haar nog steeds als een jonge, mooie vrouw zoals ze was. In mijn ogen is ze nog steeds dezelfde.

Voor mij hoeft dat niet meer te zijn, samen met de kinderen en kleinkinderen die ik heb. De band met sommige bewoners groeit ook. Af en toe is er eens een pijnlijk moment als een bewoner komt te overlijden, vooral met wie je al een goede band had.  Ik zie dat zorgkundigen/ verpleegkundige het daar ook moeilijk mee hebben. Ook omdat die kamers dan vlug moeten in orde gebracht worden voor een nieuwe bewoner die aan het wachten is op een plaats.

Meer lezen van Rudy?

Rudy is mantelzorger en schrijft artikels voor onze blog. Hij maakt rake observaties over de knelpunten voor mantelzorgers. Door zijn ervaringen te delen hoopt hij andere mantelzorgers, beleidsmakers en hulpverleners te inspireren.


Als Steunpunt Mantelzorg willen wij een platform bieden aan mantelzorgers om hun stem te laten horen. De standpunten en schrijfsels van gastbloggers vertegenwoordigen hun opinie en ervaring.

Mantelzorggedicht: Steeds weer een stapje “verder”

Een nieuw gedicht van onze huisdichter en mantelzorger.

ze wankelde gisteren eigenlijk reeds een beetje
wanneer 't begon of erger werd, vergeet je
nog wat schever strompelt ze nu aan de hand vooruit
soms tergend bang en traag soms van "ritme onderuit!" 

de ene voet lijkt geen tenen te hebben, de anderen geen hiel,
en altijd die angst, 't is net een hond in haar kiel
mompelend wat iemand mag verstaan 
en vraag je het, kijken die oogjes je zo recht aan 

Waar is ze nu? is ze nog hier? of is ze "weg"?
verstaat ze nog wel wat ik haar zeg?
't is goed dat ze nog zo lachen kàn
daar word je dan zelf ook even vrolijk van. 

knuflolino

Over de mantelzorger die het gedicht schreef

Ze omschrijft zichzelf als iemand met een groot hart, soms te groot. Dat is medisch vastgesteld, vertrouwt ze ons toe. Altijd raakt ze je met haar liefde voor mantelzorgers. Ze schuwt daarbij de ruwe kanten van mantelzorg niet. Tegelijkertijd ontmoet je in haar gedichten een warme en lichte taal vol van poëzie en humor.

Lees haar andere gedichten:


Als Steunpunt Mantelzorg willen wij een platform bieden aan mantelzorgers om hun stem te laten horen. De standpunten en schrijfsels van gastbloggers vertegenwoordigen hun opinie en ervaring.

Annulatie vormingen

Door de stijgende coronacijfers zijn onze fysieke vormingen geannuleerd tot zeker 13 december 2020. We volgen hierbij de richtlijnen van het Agentschap Zorg en Gezondheid.

Steunpunt Mantelzorg wenst iedereen moed toe in deze uitdagende tijden.

Foto: Roel Dierckens via Unsplash

Uitnodiging online webinar “Mantelzorg in tijden van COVID-19: Bouwstenen voor ondersteuning”

Opgelet: door het overweldigend succes kan je deze webinar niet meer live volgen. Toch benieuwd? Registreer je alsnog via deze link. In de week van 30 november bezorgen we je de opgenomen versie en het volledige onderzoeksrapport van HOGENT.

Steunpunt Mantelzorg nodigt je graag uit voor de online webinar: Mantelzorg in tijden van COVID-19: Bouwstenen voor ondersteuning.

Wat neem ik mee uit deze webinar?

  • Mantelzorgers aan het woord: je hoort oprechte getuigenissen van mantelzorgers
  • Wetenschappelijk onderzoek: je krijgt uitleg en cijfers over het onderzoek over de beleving van mantelzorgers van HOGENT in samenwerking met Steunpunt Mantelzorg
  • Je maakt kennis met inspirerende praktijkvoorbeelden
  • Je krijgt een overzicht van mantelzorgondersteuning

Voor wie?

Ben jij mantelzorger of ben je bezig met het thema mantelzorg? Wil je meer weten over de beleving van mantelzorgers in tijden van covid-19? Vraag je je af hoe jouw organisatie of lokaal bestuur mantelzorgers kan ondersteunen? Heb je interesse in inspirerende voorbeelden uit de praktijk?

Inschrijving en praktisch

  • Inschrijving is verplicht en gratis via deze link.
  • Bewaar de datum alvast in je agenda. Na inschrijving ontvang je de dag voor de webinar de zoomlink om alles mee te volgen.
  • Bekijk het volledige programma.
  • Hartelijke oproep: ken je iemand die interesse heeft in dit thema? Deel de uitnodiging.

Vragen? Problemen met inschrijving? Wil je graag meer info? Contacteer ons via 02 515 04 42 of info@steunpuntmantelzorg.be.

Foto: Roel Dierckens via Unsplash

Mantelzorggedicht: Voor allen die eerlijk proberen

Een nieuw gedicht van onze huisdichter en mantelzorger.

mantelzorger, het is je taak
die wordt niet makkelijker vaak
elke dag opnieuw in het "gareel"
wolken grijs, of zonneke geel
 
schouders met extra last
een taak die niet écht bij je past
je doet je best, het lukt of faalt
van zonsopgang tot ze weer daalt
 
en soms, dan "hang" je ook eens door
en stelt je vragen: "waarom? waarvoor?"
doch d' ander wacht, je moet vooruit
je wringt je energie weer uit
 
en ligt je hoofd eindelijk op 't kussen
je lijf stijf en moe, ook ergens tussen
nog draait je laatste gedachte erheen
'd ander slaapt en is ook alleen
 
en wat wordt het morgen?
laat die voor zichzelf even zorgen
er moet nu hard gewerkt vannacht
aan energie voor dàn, en kracht

knuffels voor allen die tenminste eerlijk proberen

knuflolino

Over de mantelzorger die het gedicht schreef

Ze omschrijft zichzelf als iemand met een groot hart, soms te groot. Dat is medisch vastgesteld, vertrouwt ze ons toe. Altijd raakt ze je met haar liefde voor mantelzorgers. Ze schuwt daarbij de ruwe kanten van mantelzorg niet. Tegelijkertijd ontmoet je in haar gedichten een warme en lichte taal vol van poëzie en humor.


Als Steunpunt Mantelzorg willen wij een platform bieden aan mantelzorgers om hun stem te laten horen. De standpunten en schrijfsels van gastbloggers vertegenwoordigen hun opinie en ervaring.

Maak mantelzorgers zichtbaar in het zorgverhaal

Onze coördinator, Naomi De Bruyne hield samen met Sarah Pardon, stafmedewerker mantelzorg i-mens een pleidooi voor de erkenning van mantelzorgers in het zorgverhaal. Hun opinie verscheen in de themabijlage over ‘Leven met kanker’ van De Standaard.

Het volledige artikel kan je hier downloaden:

Beknopt:

Bij een kankerdiagnose ga je als familie of vriend door een intens proces van verandering. Ineens ben je mantelzorger. Niet aan de zijlijn, maar in het oog van de storm. Je staat samen met je geliefde en andere zorgverleners schouder aan schouder in de vuurlinie. Maar toch neem je een heel specifi eke plek in en leg je jouw eigen traject af. En daar moet oog voor zijn. Vanuit de omgeving, maar zeker ook vanuit de beroepskrachten die betrokken zijn.

Foto blog: Käännöstoimisto Transly via unsplash.com

Mantelzorger Rudy over de knelpunten voor mantelzorgers voor en na lockdown

 Mantelzorger en gastblogger Rudy maakt een aantal rake observaties over de knelpunten voor mantelzorgers, voor en na de lockdown. De coronacrisis stemt hem tot nadenken. In zijn blog vertelt hij over zijn ervaring als mantelzorger. Eerst als mantelzorger voor zijn vrouw met dementie thuis. Nadien als mantelzorger voor zijn vrouw die verhuisde naar een woonzorgcentrum. Rudy vraagt zich af wat beter kan voor mantelzorgers en zorgvragers

De standpunten in deze lezersbrief vertegenwoordigen de opinie en ervaring van de auteur van de lezersbrief. Als Steunpunt Mantelzorg willen wij een platform bieden aan mantelzorgers om hun stem te laten horen.

Rudy: Alhoewel ik er alles voor over had om mijn vrouwtje thuis te willen helpen was het onmogelijk geworden dat alleen te doen.

Thuiszorg en assistentiewoningen hebben hun grenzen en konden niet tegemoet komen aan onze noden. Daarom moesten we gescheiden gaan leven. Een zeer pijnlijke beslissing.

Op basis van onze ervaring, geef ik graag de volgende observaties en knelpunten mee.

Thuisverpleging en hulp

De huidige thuiszorg is niet voor iedereen geschikt. Zeker niet voor mensen met ernstige dementie. Tijdens de corona lockdown werd het alleen maar erger en stonden vele mantelzorgers er alleen voor. Er is een te grote tijdsdruk op het verplegend en verzorgend personeel. Ik heb personeel gezien die de werkdruk niet meer aan konden. Zonder mijn hulp was het bijna niet mogelijk om mijn vrouwtje rustig te kunnen helpen.

Gespecialiseerde teams waar je zorg op maat zou kunnen krijgen, kan een deel van de oplossing zijn, tenminste als ze voldoende tijd krijgen en ervaring hebben.

Tijdens de corona lockdown werd de thuiszorg beperkt. Poetshulp en andere hulp kon je ook niet meer krijgen. De mantelzorger moest zijn plan trekken.

Adviesorganen

Adviesorganen zijn er meer dan genoeg tot op het gemeentelijk niveau. Hun adviezen zijn nuttig tot op een bepaald moment van de ziekte. In een beginstadium van dementie is het leerrijk. Je leert omgaan met de persoon met dementie voor wie je mantelzorger bent. Je krijgt inlichtingen over mogelijke hulp en tegemoetkomingen. Op een bepaald ogenblik en in een verder stadium van de ziekte, staan ze ook machteloos en kunnen ze maar verwijzen naar de middelen en hulp die dan niet meer volstaan.

Tijdens de corona lockdown waren er geen initiatieven meer waar ik weet van heb en stonden ze ook machteloos.

Noodopvang

Als mantelzorger lig je vaak wakker omdat je bekommerd bent dat je plots zelf ziek kan worden of plots niet meer kan helpen.  Wat dan? Aanvankelijk dacht ik aan een noodopvang maar dat heb ik nergens gevonden. Zeker niet in onze streek. Kortverblijf is ook niet iets waar je plots naartoe kan met een persoon met ernstige dementie. In onze streek vond ik maar één kamer. Je moest dan ook ruim op voorhand kunnen afspreken. Vroeger kon je nog tijdelijk terecht in een revalidatiekliniek in onze streek, in afwachting dat je een plaats vond in zorgcentrum. Dat gebeurde in samenspraak met de huisarts. Nu is dat niet meer mogelijk. De nadruk wordt uitsluitend gelegd op revalidatie.

Tijdens de piek van corona was deze revalidatiekliniek ook een opvang voor coronapatiënten. De kans op besmetting was er reëel en het was dus geen geschikte plaats voor noodopvang van mensen met dementie.

Tijdens de lockdown was er ook geen kort- noch dagverblijf meer. In feite kwam het op het volgende neer: “trek je plan”.

Een kliniek

Iemand met dementie heeft ook fysieke klachten. Meestal is het moeilijk uit te maken wat er aan de hand is. Zelf kunnen ze het meestal niet meer verwoorden. Je ziet dan een agitatie bij de persoon met dementie. Door ervaring kan je soms wel iets inschatten zoals nood aan toiletbezoek. Andere en ergere situaties zijn soms heel moeilijk waar te nemen en de schrik bestaat, dat in geval van o.a. vasculaire dementie, er weer iets ernstigs aan de hand is. Verschillende keren moest ik beroep doen op de hulpdiensten. In de spoed heb ik slechte ervaringen. Tot en met zelfs een onbeschofte arts die naar mijn mening niet wist wat dementie is. Mijn laatste ervaring was goed maar veel is afhankelijk van de spoedarts. Een huisarts staat veelal ook machteloos om thuis hulp te bieden.

In de spoed zag men bij mijn vrouwtje aan haar bloedwaarden dat er iets gaande was. Wat het precies was, was meestal moeilijk te achterhalen behalve tijdens haar laatste opname. Achteraf had ik de indruk dat ze een goede behandeling kreeg. Gelukkig, want we zaten dan aan het begin van de lockdown.

Na een onderzoek in de spoed worden mensen met dementie meestal opgenomen in de gesloten afdeling geriatrie. Klinische geriatrie is het medisch specialisme voor de kwetsbare oudere patiënt in het ziekenhuis. Aandoeningen die een groot deel van het onderzoeksdomein van de geriater uitmaken zijn: dementie in zijn geheel, maar ook ziekte van Alzheimer, ziekte van Parkinson of osteoporose.

In deze afdeling had ik een gemengde ervaring. Zoals in een zorgvoorziening hebben de patiënten daar veelal veel gespecialiseerde hulp nodig. Niet al het personeel was daar geschikt voor en er was ook een tekort aan personeel. Zoals op veel plaatsen heb ik de indruk dat de hoofdverpleegkundigen geen tijd hebben om veel op de werkvloer te komen. Zoals een arts me zei: “Er zal iets ernstigs moeten gebeuren alvorens het bestuur wakker zal schieten” of “ Ik moet je vrouw doorsturen naar een revalidatiekliniek want je vrouw is in de ogen van het bestuur niet meer economisch rendabel”.

Ik vermoed dat de coronacrisis wel het economisch denken van veel klinieken deed veranderen. Zoals je nu kan horen, denkt men na over het herschikken van de middelen in klinieken. De middelen gaan niet altijd naar de juiste actoren. De verhouding van verloning is ook niet eerlijk. Zelfs artsen zeggen dat nu.

De zorgcentra

Wanneer je het thuis niet meer aan kan moet je dringend op zoek naar een “plaatsje” in een woon-zorgcentrum. In onze streek liggen de plaatsen niet voor het rapen en dan moet je meestal genoegen nemen met waar je plaats vindt. Ook na de zorg in een kliniek of revalidatiekliniek word je in die richting geduwd door de sociale dienst van de kliniek. Ze willen je helpen maar zelf ben je nog niet voorbereid om afscheid te nemen van je geliefde partner (of vader of moeder). Je wil en kan het niet aanvaarden alhoewel je beseft dat je het niet meer alleen aan kan. Het is een zeer moeilijk scheidingsproces. Na de laatste opname in de kliniek hebben ze me geholpen en achteraf bekeken had ik geluk met het zorgcentrum waar ze nu is. Niet alleen het scheidingsproces is moeilijk te verwerken maar ook is er een bezorgdheid of je partner in de voorziening  goede zorg zal krijgen.

De corona lockdown had wel één groot pijnpunt. Als partner en zelfs mantelzorger mocht je ook niet meer binnen om te gaan helpen (ook bezoek). Voor de eerste keer in ons leven waren we van elkaar gescheiden voor meer dan drie maand.  De impact van mijn afwezigheid kon zeer groot zijn voor haar. De informatie die ik kreeg over haar was zeer beperkt. Je vroeg je af of de voorziening nog de zorg aan kon met de voortdurende schrik dat het virus er zou toeslaan. Bij de personen met dementie is het dan ook niet evident om persoonlijk contact te maken via GSM, smartphone, tablet en noem maar op, zonder extra begeleiding van personeel.  Naar partners en mantelzorgers toe vond ik dat bezoekverbod niet meer proportioneel. Waar mijn vrouwtje is zou dat zeker geen overrompeling betekenen. Op iets meer dan vijftig bewoners zijn dat maar een vijftal partners. Aanvankelijk had ik wel begrip voor de maatregel wegens gebrek aan middelen, testcapaciteit en de grote onzekerheid. Nadien niet meer. Ik heb daar ook mijn bedenkingen over neergeschreven. Als ik minister Beke zijn huidige uitleg hoor word ik er ziek van. Het vorige beleid heeft de sector verwaarloosd en middelen afgenomen. Hun besparingsdrang, gebrek aan voorzienigheid, maar ook een zwakke opvolging van de woonzorgcentra is veel bewoners fataal geworden. Uiteraard niet alleen in ons land. Minister Beke verwijst naar andere landen maar tijdens mijn beroepsleven hoorde ik veel politici en pennenlikkers zeggen: “Veeg eerst voor je eigen deur…”.

De woonzorgcentra hadden (en nog) een enorme schrik voor hun aansprakelijkheid. Terecht, want als ik de richtlijnen las van het agentschap zorg en gezondheid van Vlaanderen kwam het er op neer dat ze hun plan moesten trekken. Mantelzorgers en vrijwilligers mochten ook niet meer gaan helpen. Dat zonder grondig te evalueren of sommigen onder hen geen meerwaarde konden betekenen voor het welzijn van de bewoners.

Nu dat ik mijn vrouw bijna dagelijks weer kan helpen zie ik wel andere noden. Mijn vrouwtje had geluk en is mentaal weinig veranderd. Haar mobiliteit is verminderd maar het is moeilijk uit te maken of de lockdown daar voor iets tussen zit. Bij een aantal andere bewoners zie ik een verslechtering van hun toestand. Er zijn ook nieuwe bewoners. Ik stel vast dat de werkdruk voor de verzorgers is toegenomen. Het voorzorgsprincipe dat ze nog steeds moeten toepassen zorgt ook voor een grote druk op hen. Ze zijn moe en de werkdruk is toegenomen. Zonder hulp ben ik er bijna zeker van dat ze een nieuwe lockdown niet meer aan kunnen. Zeker niet mentaal. Ik ben ervan overtuigd dat mantelzorgers en/of vrijwilligers welkom zijn. Bij mijn vrouwtje is het zorgcentrum operationeel nog goed. Toch is er weinig tijd over voor het welzijn van de bewoners. Op andere plaatsen hoor ik pijnlijkere toestanden. Bijvoorbeeld veel ziekteverzuim van personeel dat moe is of het niet meer ziet zitten. Wie overblijft moet meer presteren. Dat is niet vol te houden.

Personeel vinden is geen evidentie. Onlangs zag ik ongeveer 750 vacatures open staan bij de VDAB in de zorgsector. Alleen maar voor West – Vlaanderen. Dat zegt veel en ook daar is er dringend een opwaardering nodig.

Een overaanbod aan luxe assistentiewoningen met zorg op vraag maar geen zorgwoningen met zorg op maat

Als mantelzorger voor je partner (ook andere mantelzorgers) is een scheiding vreselijk. Corona heeft dat nog versterkt.

Waarom zijn er geen voorzieningen waar je nog samen kan zijn en toch een verzorging op maat kan krijgen?

Blijkbaar is er een overaanbod aan assistentiewoningen. Heel wat investeerders voelen zich bedrogen en het beloofde rendement was maar een lokkertje. Sommigen willen van hun assistentiewoning een gewoon appartement maken maar dat is alles behalve eenvoudig, zelfs onmogelijk.

Waarom geen investeringen in zorgwoningen met zorg op maat? Woningen waar de mantelzorger nog kan helpen zoals thuis maar ook te allen tijde aangepaste hulp kan krijgen zoals in een zorgcentrum? Naar mijn mening zou het kostenplaatje weinig verschil uitmaken met een zorgcentrum. Zowel persoonlijk als voor de overheid. Alleen zijn het ruimere woningen waar de partner ook kan wonen en beroep doen op aangepaste hulp. De gezonde mantelzorgers kunnen zich ook organiseren om te helpen. Hier moet eens dringend over nagedacht worden want ik denk dat de vraag/ nood groot is.

Rudy Cools

Over de auteur

Momenteel is Rudy, naast mantelzorger voor zijn vrouw, ook aan de slag als vrijwilliger op de afdeling van het woonzorgcentrum waar zijn vrouw verblijft. Op zaterdag laat hij het bezoek toe op die afdeling en zondagnamiddag springt hij bij met de verdeling van de taart en opruimen. Hij verdeelt gewassen kledij en bezorgt vers water op de kamers. In de toekomst hoopt hij een stukje bij te dragen aan de communicatie tussen familie en bewoners en wil hij graag iets opstarten met muziek en gitaar.